Hoofdstuk 11

Wees een overwinnaar

Inhoud:

  • Denk eens na
  • Een oproep
  • Standvastig blijven
  • De juiste richting
  • Verboden om te kijken
  • Op naar de top

Denk eens na

Wie niet acht geeft op ‘geloofsfeiten’ kan spoedig op het punt komen om de moed maar op te geven. En helemaal nu we al zoveel over gemeentetucht hebben gezegd. Het vele nadenken over dit feit, kan je zover brengen dat je zegt, ‘heeft het nog wel zin om in een gemeente dienstbaar te zijn? En kan ik mij nog wel veilig voelen binnen de gemeente, als we met elkaar regelmatig de mist ingaan? Hoe veilig is de gemeente voor mij? En pas ik daar nog wel bij? Nu, ik zal je uit de droom helpen, er bestaat geen enkele gemeente die het ons voor de honderd procent naar de zin kan maken.

Veel mensen voelen zich niet meer zo thuis in hun gemeente nu er zoveel getolereerd wordt! Ik kan me dan ook voorstellen dat er veel onrust is gekomen in de gemeentelijke beleving. Maar dat is eigenlijk zo gek nog niet, want je gaat dan eens goed nadenken. En dat kan, als je dat goed doet, een stuk gezondmaking brengen in die gemeente of kerk waar je aan verbonden bent. Mijn oprecht advies is dan ook, ‘vlucht niet weg maar zet je in voor behoud en vernieuwing, in je eigen leven in dat van je naaste en binnen de gemeente’!

Een oproep

Wie de zeven brieven aan het begin van het Bijbelboek Openbaring leest, HOOFDSTUK 2-4, zal zien dat elke gemeente een oproep krijgt om trouw te blijven. Hoewel de vermaning verschillend was, de oproep was om trouw te blijven. En wie de moeite neemt om die hoofdstukken te lezen, zal zien dat er geen collectieve gehoorzaamheid bestond binnen die gemeenten. Nergens is het getuigenis honderd procent. Aan elke gemeente mankeert wel wat. Dus als je van plan bent om je gemeente te verwisselen voor een betere versie dan kom je bedrogen uit.

Maar weet je wat ik nu zo geweldig vindt, aan elke gemeente zegt God, “wie overwint”, en dan volgt er een geweldige belofte. Dan spoort God die gemeente aan om er écht werk van te maken. Wanneer we dit vertalen naar nu, naar alle mensen en gemeenten die op de één of andere manier schade hebben opgelopen, roept God; ‘denk er aan, je strijd voor de overwinning, niet voor de nederlaag’. Die nederlaag krijg je vanzelf wanneer je niet de keuze wilt maken om een overwinnaar te willen zijn.

Kan ik dan een overwinnaar zijn, jazeker! Maar je moet het wel willen, misschien met hulp van anderen, maar het is mogelijk. Lees het volgende vers maar eens:

“Zij hebben hem dankzij het bloed van het lam en dankzij hun getuigenis overwonnen” OPENBARING 12:11.

Het gaat hier over het overwinnen in de geestelijke strijd. En dit vers doet ons herinneren aan Jezus’ woorden:

Wie overwint zal samen met mij op mijn troon zitten, net zoals ik zelf overwonnen heb en samen met mijn Vader op zijn troon zit” OPENBARING 3:21.

Dit is een belofte voor overwinnaars. Wie getuigt van het bloed van het Lam zal de boze in al haar facetten kunnen weerstaan en mede triomferen in Jezus’ overwinning door het kruis van Golgotha. En de Bijbel roept ons altijd op om een overwinnaar te zijn. Lees maar eens wat er staat in 1 JOHANNES 2:13-14. En wat roept ROMEINEN 12:21 ons toe op:

“Laat u niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede”.

Dus sla niet op de vlucht, behoudt wat je hebt en wees getrouw totdat Hij komt! Dat dit niet altijd vanzelf gaat zien we bijna op elke bladzijde van de Bijbel terug. Er zal altijd verzet zijn de satan zit niet stil.  Wat schrijft Paulus aan Timótheüs: “

Weet dat de laatste dagen zwaar zullen zijn. De mensen zullen egoïstisch zijn, geldzuchtig, zelfingenomen en arrogant. Ze zullen God lasteren, geen ontzag tonen voor hun ouders, ondankbaar zijn en niets heilig achten. Ze zullen harteloos zijn, onverzoenlijk, lasterziek, onbeheerst en wreed. Ze zullen het goede haten en onbetrouwbaar, roekeloos en verblind zijn. Het genot zullen ze meer liefhebben dan God, ze zullen de schijn van vroomheid ophouden, maar de kracht ervan miskennen. Keer je af van zulke mensen2 TIMÓTHEÜS 3:1-5.

Hier staan een aantal zaken vermeld en de gevolgen hiervan kun je dagelijks in de krant kunt lezen. De Bijbel is een zeer reëel Boek. Het verhult ons niets. Zo laat God ons weten wat ons te wachten staat. Niet om ons bang te maken maar zodat wij er op voorbereid zijn. Onze opdracht is: “Maar jij, blijf bij alles wat je geleerd hebt en met overtuiging hebt aangenomen” 2 TIMÓTHEÜS 3:14. Als we dat doen, dan zullen we ondanks de tegenslagen en dat sommigen het geloof de rug zullen toekeren, behouden thuiskomen. Laten we onze worsteling om een bijbelse gemeente te zijn niet opgeven. Want van de gemeente zegt Jezus:

“en de poorten van het dodenrijk zullen haar niet kunnen overweldigenMATTHÉÜS 16:18.

De gemeente is hier niet als een aardse instelling bedoeld, maar het is de universele gemeente van Jezus Christus. Het is het ‘opnieuw geboren” volk van God. Het is de schare die niemand tellen kan. Zie OPENBARING 7:9. Deze gemeente is geen werk van mensenhanden, maar het werk van de grote Bouwmeester Jezus Christus. En de poorten van het dodenrijk is hier een beeldspraak voor de ‘onderwereld’, het rijk der duisternis. En wat profeteert Jezus hier, de hel, de machten uit de onderwereld, het zal ze niet lukken om ‘het Lichaam van Jezus Christus’, de gemeente te vernietigen.

Standvastig blijven

Gods gemeente is geen aardse instelling, het is een ‘wederom geboren’ volk van God. En dat volk heeft een toekomst met een opdracht. Petrus verwoord dit zo mooi wanneer hij schrijft:

“Maar u bent een uitverkoren geslacht, een koninkrijk van priesters, een heilige natie, een volk dat God zich verworven heeft om de grote daden te verkondigen van hem die u uit de duisternis heeft geroepen naar zijn wonderbaarlijke licht. Eens was u geen volk, nu bent u Gods volk; eens viel Gods ontferming u niet ten deel, nu wordt zijn ontferming u geschonken1 PETRUS 2:9-10.

Hier staat nog al wat. Daar moet je eens even bij stil staan. Eens was je niets, maar nu ben je alles, in de ogen van God. Zijn ontferming word je geschonken. Daarom ben je nu van Koninklijke bloede. En je opdracht is om dat te laten zien, om daar van te getuigen. Daar heeft de hel en verschrikkelijke hekel aan. Daarom worden we aangevallen zowel persoonlijk maar ook als gemeente. Als Jezus zegt dat de poorten van het dodenrijk nooit die macht zullen hebben om de gemeente te overweldigen, dan profeteert Hij, dat de machten van de duisternis, Zijn gemeente niet kunnen vernietigen. Wat een geweldig woord van de Heer.

Ik moet aan Mozes denken die door zijn geloof en in de kracht van God dingen heeft geweigerd die veel mensen op aarde begeren om te bezitten. Hij wilde geen dubbel leven leiden om door te gaan voor de zoon van Farao's dochter. Nee, hij wilde liever met het volk van God slecht behandeld worden dan tijdelijk van de zonde te genieten, hij hield zijn blik gericht op de beloning van God. Lees het maar eens na in HEBREEËN 11:24-27. Wat een prachtige kerel die Mozes hij bleef standvastig, als ziende de onzienlijke.Mijn gebed is dat we allemaal deze instelling zullen hebben, want zalig zijn zij die niet zien en toch geloven, JOHANNES 20:29.

De juiste richting

Ons geloof is een onuitputtelijke bron. Ons geloof zal bewerken dat we uit Die bron gaan leven. Zo is God onze Bron en ons geloof brengt ons in relatie met Die bron:

“Want bij u is de bron van het leven, door úw licht zien wij lichtPSALM 36:10.

En weet je wat die Bron ook doet?

U wijst mij de weg naar het leven: overvloedige vreugde in uw nabijheid, voor altijd een lieflijke plek aan uw zijde” PSALM 16:11.

Dat is de richting die God ons wil wijzen, “voor altijd een lieflijke plek aan uw zijde”. Waar is God? Voor ons begrip ‘boven’. Daarom worden we ook opgeroepen om te leren, onze blik naar boven te richten. Dat is wat ‘wederom geboren’ mensen doen. Dat had Paulus heel goed begrepen wanneer hij ons onderwijst.

Richt u op wat boven is, niet op wat op aarde is” KOLOSSENZEN 3:2.

Wat Paulus eigenlijk wil zeggen is dit; ‘laat al je motieven en heel je handelen bepaald worden vanuit de heerschappij van Christus’. We hoeven niet meer te doen wat de aarde, de vleselijke mens doet. En bij het woord aarde moeten we denken aan, ‘alles wat niet uit God is’. En de Hebreeën schrijver zegt ons het volgende:

“U allen, heilige broeders en zusters, die deel hebt aan de hemelse roeping, richt uw aandacht op Jezus, de apostel en hogepriester van het geloof dat wij belijden, die trouw is aan wie hem heeft aangesteld, zoals Mozes in heel Gods huis zijn taak trouw vervulde” HEBREEËN 3:1-2; ZIE OOK 12:2.

Van nature zijn we ‘aards-gerichte’ mensen en denken ook niet verder dan aardse oplossingen. Daarom is de wedergeboorte zo belangrijk, het is de sleutel om te overleven in deze wereld. Zonder het van ‘boven geboren zijn’, sta je er alleen voor en mis je Die hulp, die je nodig hebt. Als Paulus zegt: “Weet u niet dat u een tempel van God bent en dat de Geest van God in uw midden woont”, dan wil hij benadrukken dat de wedergeboren mens een directe relatie, met God zelf heeft. Zie 1 CORINTHIËRS 3:16 EN 6:19.

En van daaruit ontvangen wij hulp en Goddelijke leiding, genezing en bevrijding.

Het Griekse woord voor mens is ‘antropos’, en dat betekent, ‘de naar boven ziende’. De kinderen van God mogen zich bewust zijn dat ze zijn geschapen om hun blik naar boven te richten op God hun Schepper! David heeft ook moeten leren om zijn hulp van boven, dus van God te verwachten. PSALM 121 is daar een prachtig voorbeeld van:

“Ik sla mijn ogen op naar de bergen, van waar komt mijn hulp? Mijn hulp komt van de HEER die hemel en aarde gemaakt heeft” VERS 1-2.

David wist, als ik niet leer om het van Hem te verwachten, ben ik een verloren man. Iemand die het wel over God heeft maar niet weet wat hij van Die God kan en mag verwachten. Met deze Psalm drukt David zijn hoop en zekerheid uit op Gods bescherming. Hij richtte zijn aandacht op wat boven was, “mijn hulp komt van de Heer”.

Als ik HEBREEËN 11 lees wordt ik steeds getroffen door de woorden; “door het geloof”. Er zijn van die momenten in ons dagelijks bestaan, dat je moet kiezen. Het leven is één grote uitdaging en dan bedoel ik niet een uitdaging dat we vanzelfsprekend de goede richting opgaan. De uitdaging van het dagelijkse leven zit verpakt in duidelijk herkenbare én in bijna onzichtbare dingen, en dat vraagt van ons om een gezonde en realistische kijk op hét leven te hebben.

Onze strijd is niet gericht tegen mensen maar tegen hemelse vorsten, de heersers en de machthebbers van de duisternis, tegen de kwade geesten in de hemelsferen” EFEZIËRS 6:12.

Dit vers laat zien dat er duidelijke tegenstanders zijn. Geestelijke machthebbers die in relatie staan met de ‘overste van deze wereld’ dat is de satan zelf. En het begrip, ‘machten der duisternis’, laat zien wat hun karakter en hun opdracht is. Al deze machten zijn actief om ons te verleiden en onze ‘blik naar boven’, om te buigen naar beneden naar de onderwereld. Maar Paulus zegt nog meer.

“We leven wel in deze wereld, maar vechten niet met de wapens van deze wereld. De wapens waarmee wij ten strijde trekken dienen niet ons eigen belang, maar zijn er om met hun kracht bolwerken te slechten voor God. We halen spitsvondigheden neer en iedere verschansing die wordt opgetrokken tegen de kennis van God, we maken iedere gedachte krijgsgevangene om haar aan Christus te onderwerpen2 CORINTHIËRS 10:3-5.

Dat is krachtige taal. Paulus voert geen strijd op vleselijk, op aards niveau. Zijn wapens dienen ook niet zijn eigen belang. Hij maakt geen gebruik van middelen die de wereld zou gebruiken. Hij gebruikt geen wapens die horen bij de onverloste mens. Nee, hij gebruikt ‘geestelijke en krachtige wapens’. Alleen die wapens zijn in staat om de vijand te overwinnen.

In dit alles is ons geloof de centrale spil. Zoals bij een wenteltrap waar alle traptreden verbonden zijn aan de middenspil. Als we één traptrede zouden verwijderen dan zullen we ons zeker verstappen en ons misschien lelijk bezeren. Zo is het ook met ons geloof we kunnen alleen maar hoger op komen door elke traptrede zorgvuldig te betreden. Maar dat kan alleen zolang de spil, dat is ons geloof, met de traptreden, onze geloofsstappen, verbonden zijn.

Verboden om te kijken

Soms kun je het leven vergelijken met een bergbeklimmer. Als je voor een grote berg staat denk je oei wat hoog, hoe kom ik ooit op de top. En als je naar veel zwoegen ontdekt dat je al halverwege bent dan kun je zo,n gevoel krijgen van, dat gaat lekker, we zijn er bijna. Maar als je dan naar beneden kijkt kan de schrik je letterlijk in de benen slaan. Want dan realiseer je, hoe kom ik weer veilig op de begane grond. En je voelt je heel erg bang worden en je klemt je nòg steviger vast aan de touwen, bang om naar beneden te vallen.

Mensen die achterom kijken haken vaak af. Daarom is het goed om vaak aan de woorden te denken “door het geloof”! Want laten we eerlijk zijn velen van ons zijn geen echte helden. Steeds weer hebben we hulp nodig om verder te kunnen gaan. Daarom is het goed om niet achterom te kijken, Jezus zegt:

“Wie de hand aan de ploeg slaat en achterom blijft kijken, is niet geschikt voor het koninkrijk van God” LUCAS 9:62.

Jezus oproep tot navolging vraagt om een gezonde gehoorzaamheid en een volkomen toewijding. De hand aan de ploeg slaan betekent, dat je met iets bezig bent waarbij het totaal verkeerd is om achterom te kijken. Want je raakt dan het doel uit het oog waar je uiteindelijk terecht wil komen. De ploeger moet rechte voren trekken anders gaat het mis, die akker komt er dan lelijk bij te liggen en is verder moeilijk te bewerken. Zo moet een christen zijn blik richten op Jezus. Vgl. HEBREEËN 12:1-3. We moeten ons niet laten afleiden door, ‘wat achter ons ligt’. Want wat achter ons ligt, de zonde en de pijn en je verdriet, kan ons opnieuw beïnvloeden zodat je niet verder durft en dan kom je niet op de top van de berg. Dus, je mist je doel!

Op naar de top

Wie ooit een berg of een uitkijktoren beklommen heeft, weet wat dat voor een geweldige ervaring is. Je voelt je geweldig je hebt het doel bereikt, je voelt je een soort overwinnaar die over alles heen kijkt en je kunt het gevoel krijgen dat je dichter bij de hemel bent dan ooit. Alleen op die geweldige hoogte heb je het mooiste uitzicht je kijkt dan over de dalen, van je eigen leven heen. Dat zit allemaal opgesloten in de woorden “door het geloof”. En als we alles op een rijtje zetten wat door het geloof mogelijk is, dan is Hét leven één grote uitdaging.

Want door het geloof:

  • Verstaan wij wat God gedaan heeft - VERS 3
  • Brengen we betere (oprechte) offers - VERS 4
  • Zullen we de dood niet zien - VERS 5
  • Ontvangen we woorden van God - VERS 7
  • Hebben we deel aan Gods erfenis - VERS 8
  • Komen we op de plek waar God wil dat we zullen zijn - VERS 9
  • Verwachten we een ander Koninkrijk - VERS 9
  • Ontvangen we kracht - VERS 11
  • Gebeuren er wonderen - VERS 11
  • Zijn we bereid het aller beste te offeren - VERS 17
  • Kunnen we zegenen - VERS 20
  • Kunnen we aanbidden - VERS 21
  • Zien we in de toekomst - VERS 22
  • Zijn we niet bevreesd - VERS 23
  • Maken we de juiste keuzes - VERS 24
  • Kunnen we het wereldse leven achter ons laten - VERS 27
  • Hebben we deel aan het offer wat God bracht in Zijn Zoon - VERS 28
  • Overwinnen we moeilijkheden - VERS 29
  • Ervaren we dat God met ons is - VERS 30
  • Komen we niet om, maar worden gered - VERS 31

Was het voor al deze mensen uit Hebreeën hoofdstuk 11 makkelijk, nee. Maar, “In zwakheid hebben ze kracht ontvangen, zij zijn in de oorlog (het dagelijkse leven met zijn keuzen) sterk geworden en hebben vijandige legers doen afdeinzen” VERS 34 NBG.

Ik wens je Gods zegen